- Vrouwelijk zaad in plaats van stekken; droom of (bijna)werkelijkheid? -
- Interview met Cees (mr. XX) uit de Highlife voorjaar 2000 -
Vorig jaar kon je in Highlife lezen hoe Cees van No Mercy Supply er in geslaagd was om zaad te produceren dat 100% vrouwlijk is. De techniek moest nog worden verfijnd en worden aangepast om het grootschalig te produceren, wat zeker een jaar in beslag zou nemen. Cees maakt gebruik van technieken die al in de zeventiger jaren werden beschreven door de Amerikaan Mel Franks. Dat er twintig jaar later nog steeds geen 100% vrouwelijk zaad op de markt is, is op z’n minst vreemd te noemen. Een Amsterdams zadenhuis heeft het een paar jaar geleden wel op de markt gebracht, maar moest al snel toegeven dat niet alle zaden 100% vrouwelijk waren. Jammer, want de voordelen van vrouwelijk zaad zijn legio. In deze reportage zetten we die samen met de eventuele nadelen op een rijtje en gaan we wederom bij Cees op bezoek om te kijken of hij de productie al op poten heeft.
In de zeventiger jaren was het gebruik van zaad heel gewoon bij het handjevol mensen dat zich bezighield met kweken van cannabis. Het roken van wiet was in die tijd al helemaal niet populair en kwam alleen maar uit Verweggistan. Als je al een zakje kocht was het heel gewoon dat het grootste gedeelte uit takken bestond en dat de topjes die er in zaten rijkelijk gevuld waren met zaad. Iedereen kende wel mensen die de zaadjes in de tuin hadden gestopt en het resultaat was altijd hetzelfde; brandhout. Maar toen de Amerikanen hier kwamen met hun Sensimilazaad, om hier ongemoeid te gaan groeien, opende dat ook de ogen van veel Nederlanders. Na een paar jaar deed de stek, of zoals toen genoemd ‘de kloon’, z’n intrede. Het ei van Columbus, want dit scheelde veel tijd en succes was verzekerd. De prijzen lagen in die tijd gelijk aan die van zaden, maar het was heel gebruikelijk dat je minimaal 10% extra stekken kreeg. Dit was om de eventuele uitvallers te compenseren.
Toen de stekjes goedkoper werden was het al gauw gedaan met deze gulgevigheid, maar de voordelen waren er nog steeds dus hoorde je daar na verloop van tijd ook niemand meer over. Inmiddels zijn we ruim een decennium verder en komen we er achter dat aan het gebruik van stekken wel degelijk nadelen kleven. Om te beginnen de aanvoer. In de zomermaanden is het bijna niet mogelijk om een behoorlijk stekkie te kopen. Dit omdat de meeste grote stekkenboeren ook maar gewoon huisvader zijn en dus met vrouw en kinderen op vakantie zijn. De verdiende centjes moeten rollen en geef ze eens ongelijk. Eenmaal terug in Holland duurt het dan weer een paar weken voordat de productie op gang is gekomen. Een ander probleem zijn de soorten die worden aangeboden. Dat bestaat voor bijna 100% uit commerciële rotzooi zoals Elfjes en slechte Skunk. Eenmaal in bloei blijkt dat er vier verschillende soorten tussen staan, met allemaal een andere bloeitijd. Als een moederboom last krijgt van een infectieziekte of besmet wordt met wortelrot, zitten die ziektes ook in de stekken die daarvan gesneden zijn. Het grootste nadeel van stekken ligt echter bij de desinteresse van de stekkenboeren zelf. Die zijn maar op één ding uit en dat is veel produceren. Meestal beginnen ze al met een stek van iemand anders en daar blijven ze dan jaren van plukken. Dit gaat ten koste van alles wat we van een plant willen, denk maar aan de potentie, smaak en niet te vergeten de opbrengst. Zoals gezegd zijn de stekkenboeren alleen maar bezig met het snel vullen van hun zakken, dus reken er maar niet op dat ze tijd en geld investeren in het uit zaad opgroeien van nieuwe moederbomen
De nadelen van stekken zijn in grote lijnen de sterke kanten van zaad. Allereerst is de opbrengst uit een zaailing beduidend hoger dan dat van een stek. Ze zijn veel sterker en daardoor minder gevoelig voor ziektes en schimmels. Het assortiment is heel uitgebreid en alle mooie planten van vroeger zijn nog in zaad te krijgen. Ook juridisch liggen de zaken met zaad anders, zaad mag je immers gewoon kopen en verkopen. Het is dus veel rustiger rijden met een zakje zaad in je zak, dan de achterbank vol met natte stekken(dozen). De growshop heeft alleen maar een klein vriezertje nodig en kan het hele jaar door zaad verkopen. Maar de stek heeft niet voor niets het zaad verdrongen bij de (Hollandse) kweker. Dit eigelijk maar om drie redenen, namelijk de prijs, het geklooi met mannetjes en vrouwtjes en de snelheid. Stekken zet je na een paar dagen al onder twaalf uur en bij zaailingen duurt dat langer. Hoe reëel is het dan om te denken dat de Hollandse groeier over zal stappen op zaad en wanneer gaat dat gebeuren? Iemand die daar antwoord op kan geven is Cees en daarom zijn we weer afgereisd naar Zeeland waar deze excentrieke manipulator van genen residentie houd.
Highlife: Cees, kun je nog één keer kort uitleggen hoe jij vrouwelijk zaad produceert?
Cees: “Je kan pas met de behandeling beginnen als je er zeker van bent, dat de plant die je gaat bespuiten 100% vrouwelijk is. Dit is een heel werk waarbij ik meer dan duizend zaadjes opgroei en die dan allemaal test op het XX zijn. Deze laat ik in de bloei komen en als de bloeivorming is zoals ik wil, bespuit ik het bovenste gedeelte met een oplossing van Gibberelic acid. Het heeft mij meer dan tien jaar gekost om de juiste oplossing en dosering te vinden. Het enige wat ik er over kwijt wil is, dat de oplossing per liter in drie cijfers achter de komma gaat. Gibberelic is geen hormoon, dit wil ik nogmaals met nadruk zeggen, want tot mijn verbazing hoor ik, zelfs van grote zadenboeren, dat dit wel zo is. Het beïnvloed de hormoonhuishouding en dwingt de XX hormonen om zich om te zetten in Y, dus mannelijk. Deze mannenbloemen bevruchten de plant, en omdat de plant zelf helemaal XX is krijg je alleen maar XX zaad.”
Wanneer komt jouw zaad op de markt en wat gaat het kosten?
"We hebben meer dan tweeduizend zaden opgegroeid en getest, alle planten zijn vrouwelijk gebleken. De opbrengst was veel hoger dan dat van de stekken. Als ik zeg dat de opbrengst in ieder geval 30% hoger is dan hou ik het heel bescheiden en de mensen zullen dat over niet al te lang zelf kunnen ondervinden. Over de prijs wil ik alleen nog maar kwijt dat die niet veel hoger zal gaan liggen dan dat van de stekken. Mijn streven is om dat heel snel gelijk te maken met die van de stekken. De eerste productie is inmiddels geoogst en zal nog deze zomer op de markt komen.”
Blijft over het verschil in tijd. Stekken kun je immers na een paar dagen in de bloei zetten…
“Met zaad kan dat net zo alleen moet je die eerst onder een TL opgroeien. Je hebt maar een klein hoekje nodig en een temperatuur van vijfentwintig graden. Dan laat je ze ongeveer tweeëneenhalve week voorgroeien. Ik zelf gebruik twintig uur maar achttien kan ook. Dan zet je ze over in de tuin, daar laat je ze nog twee weken voorgroeien en daarna afbloeien in twaalf uur. Dus uiteindelijk staan zaailingen maar een week langer in je tuintje. Tel daarbij op dat de opbrengst 30% hoger ligt en dat geld voor de smaak en potentie eigelijk net zo.”
Dus als ik jouw moet geloven, groeien we over een tijdje alleen nog maar uit jouw zaad en krijgen we binnenkort weer lekkere wiet in de shops...
“Het eerste weet ik niet, want ook anderen zullen met vrouwelijk zaad op de markt komen, maar dat we weer uit zaad gaan groeien staat voor mij vast. Dat zal betekenen dat er weer betere wiet gaat komen en daar is iedereen mee gediend. Ik zie dat je nog steeds een beetje vol ongeloof kijkt, en daarom geef ik je een zakje zaad mee om zelf te proberen.”
Dank je wel, Cees, ik zal in Highlife daar verslag van doen en als je gelijk hebt, ben ik de eerste om je te feliciteren want de voordelen van dit alles klinken als muziek in m’n oren!
Dit Interview verscheen oorspronkelijk op Highlife On Line, in het voorjaar van 2000. Wij danken uitgever en redaktie voor hun bijdrage. Copyright 1999 'Highlife'